Navigatie
← Terug naar overzichtDe advocaat in het strafrecht
#
Artikel 6 Aw - Bijwonen verhoor en voorgeleiding
#Lid 1
Wanneer een advocaat optreedt in een strafrechtelijke kwestie is deze bevoegd om:
a. om het verhoor van een verdachte bij te wonen, mits daarom gevraagd is door de verdachte;
b. om het geplande verhoor, voor een rechtszaak, van een getuige bij te wonen, mits daarom gevraagd is door de getuige dan wel op uitnodiging van het Openbaar Ministerie mits het een zaak betreft waar de advocaat optreedt namens een belanghebbende in die zaak;
Lid 2
Indien de advocaat aanwezig is bij een verhoor, voorgeleiding of strafbeschikking van de verdachte wordt hij voor aanvang van het gesprek de gelegenheid gesteld om maximaal 10 minuten met zijn cliënt te overleggen.
In het geval van verhoor, voorgeleiding of strafbeschikking heeft een advocaat tevens het recht om in totaal, maar niet noodzakelijkerwijs achter elkaar voor 10 minuten het gesprek te onderbreken en met zijn cliënt te overleggen.
Artikel 7 Aw - Strafrechtelijke tuchtmiddelen
#Lid 1
Indien een advocaat zich zodanig gedraagt dat hij zich verdacht maakt aan strafbare feiten of zich vatbaar maakt voor tuchtmiddelen, zijn de volgende tuchtmiddelen van toepassing, wanneer het een strafrechtelijke kwestie betrof:
a. het kortstondig ongewenst verklaren van de advocaat;
b. het langdurig ongewenst verklaren van de de advocaat;
Artikel 8 Aw - Ongewenst verklaring advocaat
#Lid 1
Indien een advocaat kortstondig ongewenst wordt verklaard is hij niet langer bevoegd op te treden als advocaat in strafrechtelijke kwesties.
Het kortstondig ongewenst verklaren van een advocaat gebeurt door de Hoofd Officier van Justitie.
De kortstondige ongewenst verklaring vervalt in beginsel na 1 maand, maar kan door elke Officier van Justitie na 1 week naar toepassing al ongedaan worden gemaakt indien:
a. er nood is aan een advocaat voor een verdachte en de Officier van Justitie de indruk heeft dat de advocaat zich niet nogmaals zal misdragen;
b. er nieuwe inzichten naar voren komen die de opheffing rechtvaardigen;
Lid 2
Indien een advocaat langdurig ongewenst wordt verklaard is hij niet langer bevoegd op te treden als advocaat in strafrechtelijke kwesties.
Het langdurig ongewenst verklaren van een advocaat gebeurt door de Hoofd Officier van Justitie. En geschiedt enkel wanneer:
a. er al eerder spraken is geweest van een kortstondige ongewenst verklaring van een advocaat;
b. de advocaat zich grovelijk heeft misdragen en daardoor de ambtenaren ernstig heeft gehinderd of voor onnodige onrust heeft gezorgd;
De langdurige ongewenst verklaring vervalt in beginsel niet. Echter kan deze worden ingetrokken of worden omgezet naar een kortstondige ongewenst verklaring door de Hoofd Officier van Justitie.

