Artikel 112 WBR - Agendering van de zaak

Artikel 112 WBR - Agendering van de zaak

Wetboek

Nederbeek

Navigatie

← Terug naar overzicht

Artikel 112 WBR - Agendering van de zaak

#

Lid 1

Na het ontvangen van de vorderingen zal de rechtbank:
a.     met de aanklagende en de aangeklaagde partij proberen in te schatten hoe groot de zaak wordt en hoeveel tijd er nodig gaat zijn;
b.     een of meerdere zittingsmomenten inplannen om de zaak te behandelen;

Lid 2

Het inplannen van zittingsmomenten dient aan de volgende eisen te voldoen:
a.     het aantal zittingsmomenten blijft zoveel mogelijk beperkt voor de praktische uitvoerbaarheid van de rechtspleging;
b.     de zittingsmomenten zijn voor zover mogelijk op zulke momenten gepland dat er voldoende tijd is voor de voorbereiding van de zaak;
c.     waar mogelijk toont de rechtbank flexibiliteit naar beide partijen, waarbij zij niet de plicht uit het oog verliest de zaak binnen redelijke termijn af te ronden;