Navigatie
← Terug naar overzichtVerklaringen omtrent gedrag (VOG)
#
Artikel 10 WBV - Vereiste verklaring omtrent gedrag
#Lid 1
Alle organisaties zijn bevoegd om te eisen dat al hun medewerkers een positieve verklaring omtrent gedrag hebben.
Lid 2
Er geldt een verbod op het verplicht stellen van een positieve verklaring omtrent gedrag voor slechts één of enkele medewerkers binnen de organisatie, tenzij:
a. dit onderscheid wordt gemaakt op basis van functie;
Artikel 11 WBV - Uitvoeringsinstantie
#Lid 1
Het Openbaar Ministerie is als enige bevoegd om rechtsgeldige verklaringen omtrent gedrag af te geven.
Lid 2
Hiervoor is het Openbaar Ministerie bevoegd tot het volgende:
a. het inzien van iemands strafblad en de daarbij horende strafdossiers;
b. het opstellen van profielen of regels voor het keuren van verklaringen omtrent gedrag;
c. het aanbrengen van onderscheid in verklaring omtrent gedrag voor specifieke beroepsgroepen of taken of andere zinvolle redenen.
Artikel 12 WBV - Limieten
#Lid 1
Een verklaring omtrent gedrag mag slechts worden gebaseerd op:
a. gepleegde misdrijven beschreven in het Wetboek van Strafrecht;
b. wanneer hier een veroordeling voor is gegeven binnen of korter dan twee weken na het moment van aanvraag.

