Winkelverbod

Winkelverbod

Wetboek

Nederbeek

Navigatie

← Terug naar overzicht

Winkelverbod

#

        

Artikel 20 WBV - Winkelverboden

#

Lid 1

Winkelverboden mogen worden aangevraagd door de eigenaar of bestuurder van een organisatie, voor:
a.     al hun bedrijven in Nederbeek;
b.     de posten dan wel garages van de veiligheidsregio;

Lid 2

Winkelverboden mogen niet worden aangewend met als doel:
a.     het kunnen weigeren van hulp door de veiligheidsregio of de politie;
b.     het weigeren van ambtenaren van de veiligheidsregio, de politie en/of het Openbaar Ministerie wanneer zij daar zijn in het kader van hun ambt;

Lid 3

Een winkelverbod wordt gelijkgesteld aan de strafrechtelijke maatregelen benoemd in artikel 4 Sr. lid 2.

Lid 4

Slechts het Openbaar Ministerie is bevoegd om een rechtsgeldig winkelverbod uit te vaardigen.

Lid 5

Bij het toetsen van de redelijkheid van een winkelverbod houdt het Openbaar Ministerie rekening met:
a.     de wettelijke eis van artikel 4 Sr. lid 2;
b.     eigen richtlijnen;
c.     de ernst van de onrust of strafbare gedraging;
d.     het belang van de organisatie voor het eigen levensonderhoud dan wel gemak;
e.     andere gebiedsverboden;

Artikel 21 WBV - Wegsturen

#

Lid 1

Een bedrijf is bevoegd een persoon te weigeren indien deze overlast heeft veroorzaakt of zich strafbaar gedraagt in het bedrijf of ten aanzien van minstens één van de medewerkers, zonder dat daarvoor een winkelverbod nodig is.

Lid 2

De bepaling van lid 1 is niet van toepassing op:
a.     weigeringen op basis van eerdere misdragingen dan wel strafbare gedragingen in het verleden, zonder dat daarvoor een nog geldig winkelverbod is toegekend;