Artikel 105 Sr.  - Overval

Artikel 105 Sr. - Overval

Wetboek

Nederbeek

Navigatie

← Terug naar overzicht

Artikel 105 Sr. - Overval

#

Lid 1

Diefstal, voorafgegaan, vergezeld of gevolgd door geweld of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolen goed te verzekeren is schuldig aan het plegen van een overval

Een overval wordt bestraft met een maximale gevangenisstraf van ten hoogste 12 maanden en/of een geldboete van de 3de categorie.

Lid 2

Hij die een overval pleegt door zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, insluiping of inklimming, van valse sleutels, van een valse order of een vals kostuum, wordt bestraft met een maximale gevangenisstraf van 15 maanden en/of een geldboete van de 3de categorie.

Lid 3

Hij die de overval bewapend pleegt, wordt bestraft met een maximale gevangenisstraf van 21 maanden en/of een geldboete van de 3de categorie

Lid 4

Hij die opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid berooft of beroofd houdt, ten behoeve van een overval wordt bestraft met een maximale gevangenisstraf van 30 maanden en/of een geldboete van de 3de categorie.

Lid 5

Indien een overval zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft, wordt de gevangenisstraf op de hierboven genoemde gedragingen met een derde verhoogd, en/of een geldboete van de 4de categorie.

Lid 6

Als zwaar letsel wordt gezien dat letsel waar een herstelperiode van minimaal 6 weken voor nodig is conform de geldende medische standaarden.